Patrick De Vliegher

Hoewel het van de kleuterklas geleden was dat ik nog een penseel in de hand had gehad, besloot ik op een blauwe maandag, tijdens de zomer van 2009, mij in te schrijven aan de academie van Wilrijk voor de richting schilderkunst. Hier kreeg ik tijdens het eerste jaar de verplichte oefeningen en opdrachten voorgeschoteld die je nu eenmaal opgelegd krijgt en waar je tegen wil en dank doorheen moet. Tijdens het tweede jaar werd het al iets interessanter en kwam ik tot de vaststelling dat portret en de wegveegtechniek duidelijk mijn voorkeur genoten. Jammer genoeg kwam het in het derde jaar tot een conflict tussen de docente en mijzelf omdat ik mij niet kon vinden in haar aanpak. Daarop besloot ik om af te haken en wilde ik nooit nog iets te maken hebben met schilderen. Radicaal, ik weet het maar dat is de aard van het beestje, “alles of niets”.

Tot ik in de zomer van 2016 opnieuw het onschuldige schildervirus te pakken kreeg en mij inschreef aan de academie van Berchem. Nog steeds tegendraads (een mens verandert niet, in het beste geval evolueert hij) zei ik aan mijn nieuwe docent Freddy De Vierman, dat ik mij enkel wilde concentreren op portretten. Hij bekeek mij eens van kop tot teen en zei: awel dan moet ge dat doen hé.

Ik liet hem enkele werken zien uit mijn tijd in Wilrijk en op zijn eigen ongezouten manier liet hij mij verstaan dat ik toch nog wel het één en ander te leren had. Mijn eer was gekrenkt maar Freddy had wel de juiste snaar geraakt.

Nu 4 jaar later (ik kon nog genieten van het feit dat je een jaar mocht overdoen) heb ik mijn getuigschrift behaald en ben ik begonnen aan twee jaar specialisatie. Tijdens een verplichte crossover in het eerste jaar volgde ik 10 lessen tekenen bij Werner Hauters die mij leerde om nog meer in vlakken te denken. In de tekenles kreeg ik te horen dat je zag dat ik schilderde en in de schilderklas klonk: je ziet dat je tekenen hebt gevolgd. Beide zijn essentieel bij portret.

In de portretten wens ik verder te groeien in die zin dat ik los wil komen van het louter figuratieve. Ik zou wel graag eens 24 uur in het hoofd van Picasso zitten om te zien wat hij ziet dat ik niet zie. En meer nog hoe dat te verbeelden met enkele trekken.

Inmiddels probeer ik toch wat uit mijn comfortzone te treden en waag mij aan andere werken dan portret. Waar ik nog steeds mee worstel is het gebruik van kleuren. Ik heb er gewoonweg angst van.

Onlangs ben ik, met voldoening, ook meer gaan schilderen met paletmes i.p.v. penselen en borstels. Ook zacht pastel en houtskool liggen meer en meer in mijn hand.

Bij mijn schilderijen vertrek ik altijd vanuit een foto die ik vind op internet of die ik krijg van kennissen. Ik heb nu een fototoestel gekocht waarmee ik geleidelijk aan zelf foto’s ga maken. Ik heb twee keer een kleine tentoonstelling gehad in galerij Conscience20 te Antwerpen maar daar is uiteindelijk weinig tot niets uitgekomen.

Toch laat ik mij daardoor niet ontmoedigen en blijf ik naarstig verder werken. Ook nu in tijden van Corona, schilder ik in de tweede slaapkamer van mijn appartement die ik ingericht heb als atelier.

Mijn devies is en blijft dan ook:
Point besoin d’espérer pour entreprendre, ni de réussir pour persévérer (Willem de Zwijger).

Geef een reactie

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on pinterest
Pinterest
Share on linkedin
LinkedIn
Share on email
Email
Share on print
Print
Kunstschilder

Christine Morren

Specialiteit : Vooral schilderen. Ook beeldhouwen. De artistieke genen heb ik van mijn papa geërfd. Hij

Haikudichter

Luk Gybels

Luk Gybels (Hasselt, 1961) is een haikudichter. “Ik had de haikumicrobe als student al te

Grafisch ontwerper

Wim Meeus

Mijn verhaal begint na mijn opleiding als bakker en het doorlopen van de (toen nog

Kunstschilder

David Kuppens

Als 8-jarige tekende hij op asfalt tijdens een braderie in zijn dorp, waar hij werd